Dit zijn de grote verschillen: waarom de GP de Montréal toch niet hetzelfde als het WK is
Foto: © photonews
De GP de Montréal geldt als een belangrijke test voor de WK-kandidaten, maar volgens Klaas Lodewyck mag je beide koersen niet zomaar over dezelfde kam scheren. Vooral de extra kilometers in Québec kunnen doorslaggevend zijn.
Zondag al een eerste indicatie
Wie zondag sterk voor de dag komt in Montréal, kan zich meteen in de kijker rijden met het oog op het wereldkampioenschap twee weken later. Het parcours van de Canadese klassieker vraagt immers bijzonder veel van de renners. Toch wil Klaas Lodewyck, ploegleider bij Red Bull-BORA-hansgrohe, voorzichtig zijn met conclusies.
De wedstrijd vormt volgens hem zeker een interessante graadmeter. “Enerzijds wel. We gaan hoe dan ook deels dezelfde namen zien”, vertelt Lodewyck aan Het Nieuwsblad. De renners krijgen in Montréal een parcours voorgeschoteld waarop vooral herhaaldelijk hard versnellen en herstellen centraal staan.
Een wedstrijd van voortdurend afzien
De vergelijking met Luik-Bastenaken-Luik is volgens Lodewyck niet toevallig. De koers bestaat uit een opeenvolging van inspanningen waarbij renners nauwelijks langdurig kunnen recupereren. Wie zondag over de beste benen beschikt, zal dat volgens de ploegleider snel duidelijk maken.
“Je gaat zondag al weten wie over de benen beschikt om dat constant op heel hoog niveau uit te voeren”, aldus Lodewyck. Een sterke prestatie in Montréal kan dus wel degelijk een belangrijke aanwijzing zijn voor het WK. Maar een overwinning in Canada maakt iemand nog niet automatisch de topfavoriet voor de wereldtitel.
Van Aert en Van der Poel maken verschil
Het deelnemersveld is namelijk niet identiek. Op het WK komen onder meer Wout van Aert en Mathieu van der Poel erbij. Bovendien wordt er niet met merkenteams gereden, maar met nationale selecties. Dat verandert de dynamiek van de wedstrijd aanzienlijk.
Lees ook... 🎥 Van Aert en Evenepoel zijn goed weggekomen: heeft de koers een probleem of niet?›
Ook het parcours zelf verschilt. Voor de WK-renners begint de echte lokale omloop pas nadat ze eerst een vlakke lus van ongeveer honderd kilometer rond Québec hebben afgewerkt.
Honderd extra kilometers wegen door
Die extra afstand mag volgens Lodewyck absoluut niet worden onderschat. “Daardoor krijg je op het WK minstens anderhalf uur langer koers”, legt hij uit. Zelfs een relatief eenvoudige openingslus kost energie die later in de wedstrijd ontbreekt.
Daarom verwacht Lodewyck dat het WK nog zwaarder zal worden dan de GP de Montréal. “Het WK gaat nog lastiger worden dan de GP zondag”, besluit hij.
Een winnaar in Montréal kan dus een belangrijke waarschuwing aan de concurrentie uitdelen, maar over twee weken begint iedereen opnieuw. Tegen dan zullen vooral de extra kilometers en de andere wedstrijdsituatie hun tol eisen.
Schrijf je nu in voor de Wielerkrant nieuwsbrief