"Dan was ik Pogacar": Jarno Widar steelt de show met straffe oneliner
Volg Wielerkrant nu via Instagram!
Na maanden vol pech is Jarno Widar terug. De Belgische toptalent kijkt niet achterom en schrikt ook niet van de opmars van rivaal Paul Seixas. Integendeel: de Limburger is ervan overtuigd dat hij nog lang niet zijn limiet heeft bereikt.
Jarno Widar is helemaal terug
Jarno Widar heeft een moeilijke eerste helft van het seizoen achter de rug. De 20-jarige Limburger kampte met gezondheidsproblemen, een ziekte en een vervelende knieblessure, maar stilaan ziet hij weer licht aan het einde van de tunnel.
Na een geslaagde rentree in de GP Gippingen en een degelijke start in de Ronde van Zwitserland klinkt de jonge Belg optimistisch. "Ik heb niet heel veel achterstand meer. Op training trap ik al vrij goede waarden", zegt Widar vol vertrouwen aan Het Nieuwsblad.
Dat zijn hoopgevende woorden voor een renner die maandenlang werd afgeremd door fysieke ongemakken.
Pechjaar lijkt eindelijk voorbij
Widar wil niet uitgebreid ingaan op de gezondheidsproblemen waarmee hij kampte, maar geeft wel toe dat zijn bloedwaarden niet in orde waren. Daarna volgde een knieblessure, een prepatellair frictiesyndroom, een kwaal die ook andere wielrenners al parten speelde.
Een operatie hing even in de lucht, maar uiteindelijk koos hij voor geduld. Die aanpak loonde. De jonge Belg kon begin mei opnieuw volwaardig trainen en voelt zich steeds beter. Ook mentaal is de opluchting groot. De lamheid waarmee hij het seizoen begon, is verdwenen en de knie speelt nog amper op.
Geen jaloezie tegenover Paul Seixas
Terwijl Widar sukkelde, brak zijn generatiegenoot Paul Seixas helemaal door. De Fransman boekte grote overwinningen en groeide uit tot een van de grootste talenten van het peloton.
Toch kijkt Widar zonder afgunst naar zijn oude rivaal. "Niet echt, het gaf me eerder vertrouwen", zegt hij wanneer hem gevraagd wordt of de successen van Seixas frustrerend waren. Hij beseft dat de Fransman momenteel verder staat, maar haalt tegelijk een belangrijk argument aan. Widar wist Seixas in het verleden al twee keer te verslaan in de Ronde van de Toekomst.
Droomt stiekem van Pogacar
De Limburger gelooft dan ook dat hij nog stappen kan zetten. "Ik ga er gewoon alles aan doen om de beste versie van mezelf te worden", klinkt het. Hij beseft dat niet alles maakbaar is en dat de ontwikkeling van een renner moeilijk te voorspellen valt. Mocht uiteindelijk blijken dat Seixas sterker is, dan zal hij dat accepteren.
Zijn gevoel voor humor verloor Widar intussen niet. Wanneer hem gevraagd wordt wat hij zou doen als hij kon toveren, volgt een gevat antwoord. "Dan was ik Pogacar. Inderdaad", lacht de jonge Belg.
Schrijf je nu in voor de Wielerkrant nieuwsbrief